Jacques Cuijpers, een veelzijdig meester

Boekbespreking in Brabants, kwartaalblad over Brabantse taal, maart 2015 
 
Op 11 december 2014 is een bijzondere publicatie gepresenteerd in Museum ’t Oude Slot te Zeelst (Veldhoven). Het onderwerp is het leven en werken van Jacques Cuijpers, die leefde van 1850 tot 1926 en een groot deel van zijn leven bovenmeester te Zeelst was. Hij was een van de eersten die het Brabantse dialect heeft beschreven. 
 
Niet alleen het werk, maar ook de persoon Cuijpers zelf zijn in de vergetelheid geraakt, veel meer dan zijn tijdgenoten als Petrus Norbertus Panken of Hendrik Ouwerling, die ook belangrijk werk over de Brabantse cultuurgeschiedenis nalieten. Dat was de aanleiding voor heemkundekring Zeelst Schrijft Geschiedenis om uitvoerig onderzoek te doen en te publiceren over deze markante figuur. Cuijpers publiceerde aan het einde van de negentiende eeuw in verschillende tijdschriften, waarvan het meest in de Noordbrabantsche Almanak van August Sassen. Zijn bijdragen bestaan vooral uit kleine verzamelingen van kinderrijmen, sprookjes, sagen, beschrijvingen van volksgebruiken en tradities, maar ook uit een uitgebreide dialectwoordenlijst en twee lijsten spreekwoorden. Ter illustratie:
- bodenbrood (bojebrood) - dit woord heet eigenlijk bodenbroodeisch, dat echter minder wordt gebruikt, umdät te veul is in eenen ajem. Belooning, die iemand ontvangt bij het overbrengen van eene tijding.
- peizen - ’t dragen op de arm van kleine kinderen. 
- rummetik - vochtig. Deez kamer is zoo rummetik dat de paddestoelen langs den muur wassen.
 
 
Zijn bijdragen zijn tegenwoordig nauwelijks nog raadpleegbaar. De woordenlijst is nu gelukkig integraal overgenomen in deel I van Jacques Cuijpers, Een veelzijdig meester. Daaraan vooraf gaan een biografie van Cuijpers, door voorzitter van de heemkundekring Frank van der Maden, en een bespreking van Cuijpers’ dialectbeschrijvingen, door Jos Swanenberg en Ton van de Wijngaard. Laatstgenoemde is streektaalfunctionaris voor de provincie Limburg en was betrokken omdat Cuijpers ook zijn eigen dialect, dat van Neeritter bij Thorn, heeft beschreven. Dat deed hij in eerste instantie als reactie op verzoeken van Pieter Willems, hoogleraar te Leuven en in 1885 initiatiefnemer van een grote dialectenquête, en van J.A. Leopold en L. Leopold, samenstellers van het overzichtswerk Van de Schelde tot de Weichsel. Nederduitsche dialecten indicht en ondicht (1882). Waarschijnlijk was dat werk als informant de inspiratiebron voor zijn latere optekeningen in Brabant, als Cuijpers naar Zeelst gekomen is. En waarschijnlijk reageert hij dan weer op een oproep, ditmaal van August Sassen die in opdracht van het Provinciaal Genootschap voor Kunsten en Wetenschappen in Noord-Brabant volkskundig onderzoek doet.
 
Na de dialectafdeling komen in het eerste deel de sagen en sprookjes (door Willem de Blécourt), de gebruiken en tradities (door Cor van der Heijden) en de kinderrijmen (door Jant van der Weg) aan de orde. In het tweede deel staan het kalligrafisch werk van Cuijpers (door Albert Pennings) en zijn betrokkenheid bij de Mariaverering (door Frank van der Maden) centraal. De dvd bevat schitterende afbeeldingen van kalligrafisch werk, maar ook van oorspronkelijke handschriften van Cuijpers, die bovendien nog niet eerder gepubliceerd materiaal bevatten. Onderzoeker van dienst voor dit onderdeel was vooral Piet Vermeulen. 
 
Deze bijzondere publicatie bestaat uit een cassette met twee zeer fraai vormgegeven boeken (samen meer dan 6oo blz.) en een dvd. De verkoopprijs van de cassette is € 49,50 en de verzendkosten bedragen € 10,60, maar u kunt de cassette ook persoonlijk gaan ophalen. U kunt bestellen via info@zeelstschrijftgeschiedenis.nl, en zo kunt u eventueel ook een afspraak maken voor het ophalen van de cassette.